Proclamatie Prins Markus den Eerste
Ik, Prins Markus den Eerste, bij de gratie van zotheid en gein.
Benoemd tot prins van de Vergeten Hoek
Opgegroeid op het platteland
Beschermeer van de financiën
Lid van het dorstlustige bestuur
Prins van alle Hinnikers en Hinnikerinnen.
Op voordracht van de raad en na verkregen goedkeuring van het dorstlustige bestuur,
wensen te verklaren en te gebieden:
Ten eerste
Is het als Langbroeker een eer
Om Prins van de Vergeten Hoek te mogen zijn!
Ten tweede
Ben ik als Prins trots op alle vrijwilligers die ons carnaval dragen,
maar hebben we ook nieuwe vrijwilligers nodig
om dit ook in de toekomst te kunnen laten slagen.
Ten derde
Ik kan me vergissen, maar met een complete Raad van Elf
gaan we de dansmariekes nog meer missen.
Ten vierde
Aan mijn familie onder de rivieren, laten we zien dat dat we carnaval
ook boven de rivieren kunnen vieren.
Ten vijfde
Een Prins uit de Vergeten Hoek zou voor Utrecht moeten zijn,
maar Ajax krijgen ze toch niet klein.
Ten zesde
Als liefhebber van reizen,
valt Airfield Werkhoven bij mij in de prijzen.
Ten zevende
De bewoners van de Herenstraat hoeven binnenkort niet meer te lijden,
alleen tijdens de optocht zullen de trekkers door het dorp rijden.
Ten achtste
De gemeente Bunniks draait de geldkraan verder dicht,
is de Vergeten Hoek nog wel in zicht?
Ten negende
Nieuw Wechinge is gesloopt,
had jij ook op een appartement gehoopt?
Ten tiende
De feesttent heeft nieuwe buren,
ik hoop dat ze ook even komen gluren.
Ten elfde
Carnaval is geen sprint,
maar een marathon.
En daarom is mijn motto:
Met Prins Markus kunnen we rekenen op een VET carnavalsseizoen!





